Georges Grard

Georges Grard
Na zijn studies in zijn geboortestad Doornik, maar verliefd op het licht trok hij in 1931 naar zee, St. Idesbald, waar hij in een typisch vissershuisje zijn belangrijkste werken creëerde. Zijn vriend en collega Pierre Caille poseerde er diverse keren met hem. Ook kwamen illustere tijdgenoten zoals Haesaert, Tytgat en Delvaux hem regelmatig bezoeken. Hij bleef zijn hele leven trouw aan één thema: het vrouwelijk naakt.
De grote liggende vrouwenfiguur die Grard maakte voor het Kursaal kreeg de naam ‘De Zee’, maar is in de Oostendse volksmond beter bekend als ‘Dikke Mathille’. De verwijzing naar de zee wordt tot stand gebracht door de stilering van het kapsel waarmee hij de golfslag van de zee suggereert. Grard heeft bewust op de plaats van het beeldhouwwerk ingespeeld door er een sculptuur van te maken die het best tot uiting komt als men het van onderuit of op gelijke hoogte bekijkt. Ondanks al deze kwaliteiten vond men het beeld in die positie toch te aanstootgevend en heeft men het in 1963 van zijn verheven positie op de sokkel aan de kant van de zeedijk (Oosthelling) verwijderd en verplaatst naar het plantsoen met fontein op de Leopold II laan. De lege sokkel aan het casino wacht nog steeds op haar terugkeer.



